Boerenkool
- 21 feb
- 2 minuten om te lezen
‘Zo! Dat ruikt lekker hier!’
Achter me staat Karin, ze doet haar neus nog even omhoog om te benadrukken dat ze de heerlijke geuren tot zich neemt. Door de afzuigkap heb ik even niet in de gaten gehad dat ze binnen is gekomen. En dat kan makkelijk bij ons, het touwtje hangt bijna altijd uit de brievenbus. Nee, niet vanwege Jan Terlouw, ook al ben ik het helemaal met hem eens, maar dat touwtje zit er al vanaf het moment dat de kinderen klein waren en is nog steeds handig, ook voor vrienden en buurtgenoten.
‘Lekker, wat is’t?’
‘Een eenvoudige doch voedzame maaltijd,’ zeg ik lachend.

‘Nou het ruikt goed, Joost!’
Ik glimlach. Ik hou ervan als mensen onze klassiekers kennen.
‘Pak vast een wijntje, ik moet het nog even doorstampen.’
‘Boerenkool! Nu ruik ik het pas. Ik rook eerst alleen die spekjes. Lekker. Mijn lievelingseten, dat weet je toch?’ zegt ze terwijl ze een fles uit de koelkast en glas pakt.
Zo gaat het vaak. Vriendin Karin woont in de buurt en loopt vaak bij ons binnen en andersom. We kletsen en borrelen dan wat en vaak eten we dan samen een hapje.
‘Eet je mee? Er is genoeg!’ vraag ik.
‘Nou…,’ ze doet of ze aarzelt.
‘Ok, dan niet,’ zeg ik grappend. Ze lacht en schenkt zichzelf in.
‘Hé Kaat!’ Mijn vrouw komt de kamer binnen, ‘ik heb je niet eens binnen horen komen, ik zat achter de naaimachine. Gezellig, eet je mee?’
‘Nou, ik…’
‘Tuurlijk eet je mee, er is vast genoeg. Maar eerst een aperitiefje, het is nog vroeg.’ Ze pakt ook een glas uit de kast.
‘Zal ik de tafel vast even dekken?’ vraagt ze. Ik knik: ‘Voor drie.’
‘Nou…’ klinkt het.
‘Voor drie!,’ zegt mijn vrouw vastberaden.
‘Nou…,’ klinkt het weer, ‘ik wilde net vragen of jullie bij mij komen eten. Ik heb boerenkool gemaakt!’



Opmerkingen